Overheidsinstellingen kunnen hun voorbeeldfunctie als voortrekker van vrouwen en allochtonen voor topfuncties niet waarmaken. Dit stelt HRM-website RecruiterOnline.nl.
Het kabinet weigert een quotum te stellen voor het aantal vrouwen en allochtonen aan de top. Zo kan het dat onder de 70 korpsleiders in Nederland slechts 1 allochtonen en 11 vrouwen zijn, aldus RecruiterOnline.nl. Slechts 6 van de 75 districtschefs zijn vrouwelijk, 1 is van allochtone afkomst.
Straffe maatregelen
Minister Guusje ter Horst komt met straffe maatregelen om dit te veranderen. Zij wil de komende drie jaar 50% van de vacatures in de korpsleiding reserveren voor vrouwen en allochtonen. De sollicitatieprocedures voor andere leidinggevende functies moet in 30% van de gevallen leiden tot de aanstelling van een vrouw of allochtoon.
Voortrekken van vrouwen
Marilyn Haimé is topambtenaar bij het ministerie van VROM. Zij waarschuwt dat het beleid van Ter Horst demotiverend kan werken voor mannelijke werknemers. Zij pleit ervoor bij de werving van kandidaten naar diversiteit te streven. Bij de eigenlijke sollicitatieprocedure moet echter puur worden afgegaan op de kwaliteiten van kandidaten, niet op hun sekse of huidskleur.
Trude Maas van Philips ziet geen probleem in het voortrekken van vrouwen, zolang de vrouwen zich kunnen waarmaken. Haimé denkt dat emancipatie binnen het bedrijfsleven niet door de overheid opgelegd kan worden.
Permalink Antwoord van Chido op 28 Oktober 2008 op 11.40
En als je nu eens deze discussie koppelt aan deze dan zie je dus dat je hard moet willen werken (althans lange dagen en veel opzij zetten voor je carrière) om in de top terecht te komen. En uiteindelijk hebben veel mensen (vrouwen én mannen) dat er niet voor over.
Draai de vraag eens om: hoeveel procent van de werkende mannen en hoeveel procent van de werkende vrouwen zit in de top? Ik vermoed dat het verschil in percentage niet significant is.
Wel is het zo dat de 'top' over het algemeen uit 50+ bestaat. En daar zit een probleem, want die generatie beleidt vooral het woord en veel minder de daad op dit gebied. Ik ben er van overtuigd dat met het verdwijnen van deze generatie uit het arbeidsproces, de verhoudingen aan de top vanzelf - op 'natuurlijke' wijze - meer in evenwicht komen, zeker binnen de overheid. Of dat 50/50 wordt, weet ik niet; het blijft een feit dat er een verschil in 'drive' is tussen vrouwen en mannen op dit gebied.
Gezien dit babyboom-probleem, lijkt me dat positieve discriminatie voor topfuncties een averechts effect heeft: de benoemde vrouwen worden door de zittende top niet serieus genomen en het vertrouwen van de 'gepasseerde' mannen en hun omgeving in de werkgever zal dalen.
Ik denk persoonlijk dat positieve discriminatie negatief werkt voor alle vrouwen en allochtonen die op 'topposities' benoemd worden. Mensen zullen zich toch altijd af blijven vragen (of er zelfs van uit gaan) dat iemand dan alleen door die positieve discriminatie op die functie zit en wellicht helemaal niet geschikt is. Hierdoor zullen vrouwen en allochtonen in de top vaak niet optimaal kunnen functioneren, je hebt immers toch vertrouwen van de mensen nodig. Ik ben dus bang dat positieve discriminatie erger is dan de kwaal.